EnglishDutch
Our Moving Borders 2012 | 2013 | 2014 Quality of the society

In het proefschrift van Teun Hardjono 'Ritmiek en organisatiedynamiek' introduceert hij het Vierfasen-model. Het Vierfasen-model is een elegant en krachtig model voor managers en managementconsultants om de huidige organisatie te analyseren en vast te stellen wat de organisatorische controlepunten zijn en welke interventies gepleegd moeten worden in lijn met de strategie.


De huidige gekozen strategie van een organisatie wordt afgezet tegen de meeste verstandige strategie. Met behulp van dit model wordt de discrepantie tussen werkelijke strategie en de meest verstandige strategie duidelijk zichtbaar. Het model geeft vervolgens richtlijnen voor een organisatieverandering om die discrepantie weg te nemen.

 

Momenteel zorgt de samenwerking met musicoloog drs. Rik Spann, die met de kracht van muziek het Vierfasen-model nieuwe invalshoeken geeft, ervoor dat het Vierfasen-model een nog toereikender handvat wordt voor organisaties. Rik Spann heeft dit in een artikel voor het kwaliteitsmagazine Sigma op een zeer duidelijke en overzichtelijke manier op papier weten te zetten. Klik hier om het artikel te raadplegen. 

 

Opzet van het model

Zoals in het onderstaande model wordt weergegeven is er sprake van 4 verschillende cirkels. De middelste cirkel staat voor “Materieel”. Vervolgens stroomt dit over in “Commercieel”. Hierna volgt “Sociaal” en de buitenste cirkel staat voor “Intellectueel”. In elke van deze cirkels kunnen verschillende interventies worden gemeten. Voor alle vier de fases kunnen de interventies in dezelfde cirkel worden gecombineerd.

 

 

Toepassing van de interventies 

Met behulp van interventies die toe te wijzen zijn aan de verschillende fases, kan er per fase een beeld geschetst worden wat er tot op heden gedaan is/wordt en welke acties er ondernomen moeten worden om het uiteindelijke resultaat dat bij de fase hoort te bereiken. Interventies die gekoppeld kunnen worden aan de focus op verandering zijn:

 

Het zelfde geldt voor de externe focus. Ook bij dit onderdeel van het Vierfasen-model kunnen 4 verschillende interventies geformuleerd worden die bijdragen bij de focus op de externe indicatoren. Deze interventies werken, zoals aangegeven in onderstaand model van binnen naar buiten. De interventies zijn:

 

 

Het derde focus-gebied wordt gevormd door de focus op de interne organisatie. Net zoals bij voorgaande twee deelgebieden binnen het Vierfasen-model kunnen voor de interne focus ook 4 verschillende interventies geformuleerd worden die van binnen naar buiten werken. De 4 interventies zijn:

Voor de laatste focus, de focus op controle kunnen wederom 4 verschillende interventies geformuleerd worden. Ook deze werken van binnen naar buiten zoals in onderstaand figuur is weergegeven. De 4 interventies zijn:

Combineren van de focusgebieden

Op het moment dat de vier interventies van twee kwadranten met elkaar gekoppeld worden ontstaan er tussen de twee desbetreffende focsgebieden een nieuwe focus. Zoals in onderstaand model te zien is worden hierdoor 4 nieuwe aandachtsgebieden gecreeërd. Deze aandachtsgebieden zijn:

Formuleren van prestatiecriteria

Nadat alle kwadranten en bijbehorende interventies zijn besproken kan er ingegaan worden op de prestatiecriteria. Deze zijn verbonden aan de focusgebieden die ontstaan op het moment dat er twee focusgebieden gekoppeld worden. Voor elk nieuwe focusgebied kunnen binnen alle 4 de lagen van het model verschillende prestatiecriteria opgesteld worden.

Voor het focusgebied 'effectiviteit', dat gecreeerd wordt door het combineren van de twee focusgebieden 'Extern' en 'Controle' gaat het om hoe succesvol een organisatie is in het behalen van haar doelstellingen. Deze 4 prestatiecriteria zijn:

Het tweede focusgebied wordt gecreeërd wanneer de reguliere focusgebieden 'Extern' en 'Verandering' worden gekoppeld. Hieruit komt het focusgebied 'Creativiteit'. Dit wordt ondersteund met de gedachte dat een organisatie in staat is om nieuwe producten en diensten te genereren, in staat is nieuwe markten te creeëren en te vinden. De prestatiecriteria die aan dit focusgebied zijn verbonden zijn:

Het derde focusgebied dat gecreeërd wordt door de twee reguliere focusgebieden 'Verandering' en 'Intern' te koppelen is 'Flexibiliteit'. De achterliggende gedachte bij dit focusgebied is gebaseerd op het vermogen van een organisatie om zichzelf te vernieuwen en te veranderen. Ook aan dit focusgebied zijn prestatiecriteria verbonden. Deze criteria zijn:

De laatste combinatie die gevormd kan worden is tussen de focusgebieden 'Intern' en 'Controle'. Hieruit komt het nieuwe focusgebied 'Efficiëntie'. De onderliggende gedachte bij dit focusgebied is de mate waarin de geplande inspanningen overeenkomen met de daadwerkelijke inspanningen. De 4 prestatiecriteria die hieraan verbonden zijn, zijn:

Nu alle fases, interventies en prestatiecriteria zijn behandeld kan er gekeken worden naar de verdere uitwerking van het model. Hieruit volgt dat wanneer men een nieuwe business opzet, men links onderin, in de fase 'Creativiteit' begint en vervolgens met de klok mee gaat in het model. Dit houdt in dat de volgende fase 'Effectiviteit' is. Deze cirkel die wordt rond gegaan is een vicieuze cirkel. Op het moment dat men in de laatste fase, 'Flexibliteit' is aanbeland, is men in staat om zich weer te richten tot nieuwe business (Creativiteit).

Wat verder van belang is bij het toepassen van het Vierfasen-model is dat de interventies 50/50 verdeeld zijn. Dit houdt in dat bepaalde interventies met elkaar kunnen contrasteren. Het model wordt als het ware in twee gebieden gesplitst wat betreft de interventies. Dit houdt in dat voor organisaties die zich richten op 'Effectiviteit', zij ook deels naar de interventies van 'Efficiëntie' en 'Flexibliteit' moeten kijken. Voor elke fase moet er dus zowel terug als vooruit in het model gekeken worden.

Voor een artikel, geschreven door Teun Hardjono over het Vierfasen-model klikt u hier.